Nederlands–Fries woordenboek

Friese vertaling van het Nederlandse woord wijzen

Nederlands → Westerlauwers Fries
  
NederlandsWesterlauwers Fries (indirect vertaald)Esperanto
(aanduiden; aangeven; aanwijzen; uitduiden; beduiden; wijzen op)
oantsjutte
;
oanwize
🔗 Wie heeft jullie de grot gewezen?
🔗 De twee ventjes wezen zwijgend naar hem en een ogenblik heerste er een diepe stilte.
oanwize
;
oantsjutte
🔗 Ze wees naar het dal, waar de torens van het slot net zichtbaar waren te midden van de rotsen.
(aanduiden; aangeven; aanwijzen; uitduiden; wijzen; beduiden)
oantsjutte
;
oanwize
🔗 Dit zou kunnen wijzen op de komst van een tsoenami.
(aanduiden; aangeven; uitduiden; wijzen; beduiden; wijzen op)
oantsjutte
;
oanwize
🔗 Hij wees twee indianen aan, die met de blanken aan een vuur zaten.
(afkeuren; terugwijzen; weigeren; het vertikken; afslaan)
ôfkitse
;
ôfwize
🔗 Geen wonder dat Katrien hem altijd afwijst!
(aantonen; staven)
bewize
;
oantoane
🔗 Ik zal het je bewijzen!
(leren; scholen)
leare
(berispen)
ferwite
(afwijzen)
ôfkitse
;
ôfwize
(laten zien; tonen; vertonen)
oanwize
;
oantsjutte
🔗 De Britse politie heeft bekendgemaakt dat de autopsie dit heeft uitgewezen, meldde de BBC maandagavond.
ferwize
(verstandig)
🔗 Ge zijt te wijs voor uw jaren.
(manier)
manear
🔗 Maar ook op deze wijze ging het niet helemaal naar wens.